NL, de EU en de VRC: de illusie van constructieve betrokkenheid

Poster: 鼓足干劲争上游. 东方跃进西方忧Guzu ganjin zheng shang you. Dongfang yuejin xifang you: “Go all out and aim high. The East leaps forward, the West is worried”. Designer Zhang Ruji (张汝济) Wang Shuhui (王叔晖)Shao Guohuan (邵国寰) Date 1958, September Publisher Renmin meishu chubanshe (人民美术出版社) https://chineseposters.net/posters/e16-33© No copyright infringement intended. All rights belong to their respective copyright owners

21 juni 2024_Al in het prille beginstadium van deze website in 2019 schreef ik dat het in Europa aan urgentie ontbreekt om een duidelijke, eensgezinde China-strategie te formuleren.  Ook Mark Rutte hoorden we zelden praten over hoe Nederland en Europa te positioneren in het veranderende internationale krachtenveld, waarin sprake is van een snel uit de hand lopende geopolitieke technologie oorlog tussen de VS en China, en een zich steeds assertiever en meedogenlozer opstellend Beijing.   

De economische veiligheidsstrategie van Ursula von der Leyen lijkt al tot stilstand te komen voordat ze überhaupt op gang is gekomen. Het is meer dan symbolisch dat tijdens het EK voetbal Chinese bedrijven als BYD en Alipay prominent aanwezig zijn… We zitten inmiddels in 2024 en het China beleid van de EU en de individuele lidstaten stuitert nog immer alle kanten op terwijl Europa zich geconfronteerd ziet met een echte oorlog op het continent waardoor de liberale democratie ernstig bedreigd wordt.

Ambivalentie

Zo roepen in navolging van de NAVO verscheidene Europese politici op tot grote waakzaamheid tegenover de VRC en beschuldigen zij  Beijing van het mogelijk maken en in stand houden van de Russische invasie van Oekraïne door het ‘’Russisch-Chinese partnerschap zonder grenzen’’, waardoor Moskou een cruciale economische levenslijn geboden wordt. De Russische oorlogsmachine wordt m.a.w. draaiende gehouden via de constante Chinese aanvoer van dual-use goederen die militair kunnen worden ingezet en via de Chinese afnames van Russisch gas en olie. Voorts wordt steeds vaker gerapporteerd over en gewaarschuwd voor Chinese cybersecurity aanvallen,  desinformatie campagnes en ongewenste politieke beinvloeding in de EU en haar lidstaten.

Tegelijkertijd lijkt een aanzienlijk deel van die Europese politieke elite en zakengemeenschap het ons weinig vrindelijk gezinde communistisch China niet te beschouwen als een existentiele bedreiging: men is slechts beducht voor een handelsoorlog. Terwijl de Europese commissie roept om protectie en sancties tegen de VRC, nodigen nationale politieke leiders uit Frankrijk, Italië, Spanje en Duitsland de Chinezen uit om meer te investeren (denk aan de voorgestelde JV fabrieken voor de produktie van elektrische auto en batterijen in hun landen). In Boedapest en Belgrado kan Xi zelfs steevast op een heldenonthaal rekenen.

Men krijgt voortdurend de indruk dat de regeringsleiders van de EU lidstaten, met voorop de Duitse bondskanselier en Franse president, ieder  voor zich vooral bezig zijn met het uitvoeren van hun eigen China agenda en het beschermen van hun nationale economische belangen in plaats van het coördineren en promoten van het veelbesproken en dringend gewenste Europees “de-risking beleid”. Scholtz ruimde voor zijn meest recente bezoek aan Beijing weer de nodige plaatsen in voor vertegenwoordigers van het grote Duitse bedrijfsleven: de CCP zal het hebben opgevat als een signaal dat het met de Duitse de-risking intenties wel meevalt.

De Europese burger lijkt daarnaast niet heel bereid zich snel aan te willen passen aan de nieuwe realiteit van de steeds omvangrijkere confrontaties in de wereld. Ook wensen Europeanen ogenschijnlijk niet  te veel rekening houden met het feit dat het voor Amerikaanse besluitvormers moeilijker zal zijn om vóór het behoud van de Amerikaanse betrokkenheid in Europa te pleiten als de Europeanen blijven aangeven dat ze zich liever buiten de VS-VRC confrontatie willen houden.

Technologie en veiligheid

De onvrede van de Europese zakenwereld over China richt zich met name op het gebrek aan gelijke kansen op de Chinese markt (level playing field), zelden heeft men het -publiekelijk althans- over systeemrivaliteit, geopolitieke risiko’s, de verontrustende binnenlandse ontwikkelingen in de PRC of de toenemende assertiviteit en grimmigheid in China’s buitenlands beleid.

In de EU raakt men slechts langzaam doordrongen van de rol die technologie speelt in nationale en economische veiligheid als ook in China’s strategie om zijn belangen en positie te verstevigen op het internationale toneel. Europeanen hebben moeite om hun eigen risiko afwegingen te maken en die onderling af te stemmen. De ongemakkelijke werkelijkheid is dat Europa eigenlijk alleen de moed heeft gevonden om zich tegen Beijing te verzetten in de schaduw van Washington’s agressieve strategie om China in bedwang te houden.  

De huidige discussie over de overvloed aan Chinese elektrische auto’s op de Europese markt gaat bijvoorbeeld vooral over de economische bedreiging die daarvan uitgaat voor de Europese auto-industrie. Maar de elektrische auto is meer dan een vervoersmiddel: het is een technologisch- en data platform dat nieuwe cybersecurity en zelfs spionage risico’s met zich meebrengt. Het raakt aan het vraagstuk van nationale veiligheid en ongewenste afhankelijkheid. Zo verbood notabene de Chinese regering al in 2021 de toegang van  Tesla-auto’s tot zijn militaire complexen, vanwege zorgen over de mogelijkheden en het bereik van camera’s in deze voertuigen. Het lijkt slechts een kwestie van tijd dat de VS regering elektrische auto’s die gemaakt zijn in de VRC volledig zal verbannen.

Het is veelzeggend dat wat betreft het bewustzijn over het belang van het beschermen van technologie en kennis en van kritieke infrastructuur Nederland in Europa nog redelijk voorop loopt, ondermeer door zich in 2023 aan te sluiten bij de Amerikaanse exportcontrole maatregelen op geavanceerde lithographische halfgeleider apparatuur van ASML. Maar ook in Nederland heerst er twijfel over hoe ver maatregels ter bescherming van nationale veiligheid dienen, kunnen of mogen gaan. Een stad als Amsterdam maakte pas onlangs bekend dat het de komende 5 jaren bijna 1300 Chinese beveiligingscamera’s van Hikvision en Dahua uit veiligheidsoverwegingen zal verwijderen. Mijngroeve vroeg zich in 2019 al af wanneer dat nou eens zou gebeuren. En of Huawai volledig uit het Nederlandse telecom netwerk zal worden verwijderd, weten we nog steeds niet. Dat vraagstuk is voorspelbaar genoeg uitgemond in een centenkwestie, namelijk wie zal opdraaien voor de kosten. Goedkoop is duurkoop gebleken.

Huawei zit overigens ook nog immer in de kern van het Duitse 5G netwerk. Besluiteloosheid regeert in Berlijn. Een aanzienlijk deel van Europa heeft geen noemenswaardige halfgeleider- of high tech industrie en ziet dan ook het belang van export controles niet. Niet iedereen deelt de zorg over het aandeel van Chinese produkten in kritieke infrastructuur: men is onwillend of zeer traag met het instellen van screeningsprocedures en maatregelen om leveranciers van landen met onbetrouwbare overheden hiervan uit te sluiten. Tevens is er ogenschijnlijk weinig enthousiasme in de EU voor de screening van uitgaande investeringen naar China.  

Export controles en import restricties

Ook in Nederland word dus getwijfeld aan het nut en belang van export controles en import restricties, zeker zolang de leiders van de grote landen niet op een lijn zitten wat betreft hun China beleid. Duitsland houdt zich over  exportcontroles richting China vaak angstvallig stil: zo kan Zeiss nog ongebreideld zijn optische componenten die ook door ASML worden gebruikt naar China uitvoeren. Daarnaast heeft Zeiss zijn R&D en sales activeiten in China nog zeer recentelijk opgeschaald. Frankrijk heeft pas sinds 1 maart 2024 een licensie-beleid ingevoerd voor de uitvoer naar niet EU landen van halfgeleiders en componenten gerelateerd aan quantum computing. En grote high tech multinationals als STM, NXP en IFX staan er vanzelfsprekend niet om te springen om hun activiteiten in de Volksrepubliek aan banden te leggen.

Xi zelf windt geen doekjes om het belang van een dominante positie in technologie:

“We moeten onze superioriteit in de gehele productieketen in sectoren als het hogesnelheidsspoor, elektrische energieapparatuur, nieuwe energie en communicatieapparatuur behouden en vergroten, en de industriële kwaliteit verbeteren; en we moeten de afhankelijkheid van de internationale productieketens van China aanscherpen, door krachtige tegenmaatregelen en afschrikmiddelen te implementeren, gebaseerd op het kunstmatig afsluiten van het aanbod aan buitenlanders. Ten tweede moeten we onze tekortkomingen goedmaken. Dat wil zeggen dat we in sectoren en segmenten die verband houden met de nationale veiligheid een binnenlands bevoorradingssysteem moeten opbouwen dat onafhankelijk controleerbaar, veilig en betrouwbaar is, zodat zelfcirculatie (自我循环) op kritieke momenten tot stand kan worden gebracht, en ervoor kan zorgen dat de economie normaal blijft functioneren in extreme situaties.” (toespraak van Xi Jinping, 10 april 2020)

Achterhaald EU mantra

Het aloude EU mantra dat China een partner, concurrent en rivaal is is volledig achterhaald aangezien het het veiligheidsaspect in de relaties volledig negeert. Verbazingwekkend is dat niet: de EU is immers opgericht om louter de vrede in de EU te garanderen. Het is een grote machine van compromissen, gebaseerd op risikomijdend gedrag en  gedreven door de kleinste gemene deler. Het ontbeert grotendeels wat van een geopolitieke macht juist wordt gevraagd: een duidelijke strategie, een flink portie lef, snelheid en ambitie, de paraatheid en bereidheid om zware offers te brengen en de wil om te winnen.

Van der Leyen wil desondanks graag van de EU een geopolitieke speler maken en heeft aangestuurd op een hardere lijn richting Beijing. Macron en Scholtz doen bewust of onbewust erg hun best om die geopolitieke ambities en hardere lijn van Brussel voortdurend te ondergraven. De bondskanselier laat vooral uit angst voor vergelding door Beijing zijn oren naar de Duitse auto-industrie hangen, de Franse president is geobsedeerd door zijn droom van strategische autonomie en gelijke afstand tot Washington en Beijing en overschat telkens weer zijn diplomatieke vermogens en impact.

Zowel Scholtz en Macron hebben niets teruggekregen van Xi in ruil voor hun recente toenaderingspogingen. Sterker nog: hun zorgen over de  steun van China aan Rusland, de overcapaciteit in de productiesector en de ongelijke concurrentiepraktijken werden gewoonweg ontkend of niet geaddresseerd. Zorgwekkend genoeg lijkt Beijing niet bereid om deze kwesties op enig zinvolle wijze te bespreken. De door Scholtz en Macron zo vurig gewenste  ’constructive engagement’ van China is een illusie gebleken.

Opvattingen over China

Het eerder breed gedragen geloof dat economische ontwikkeling de CCP zou stimuleren en dwingen tot politieke hervorming heeft de Europe politieke en zakenelite anno 2024 laten varen: na China’s toetreding tot de WTO in 2002 is voor een ieder -zij het rijkelijk laat- eindelijk duidelijk geworden dat het communistische regime in Beijing nooit serieus politieke hervormingen zal nastreven. Die deur werd trouwens door de CCP al voor het eerst hard dichtgegooid op 4 juni 1989.

Welk geloof er precies voor in de plaats is gekomen is echter niet duidelijk. Vanwege de belangrijke   positie die China inmiddels heeft verworven in de internationale economie en globale supply chains -mede dankzij Europese naïviteit en arrogantie en onderschatting van de CCP’s lange termijn industriële strategie- is het handhaven van een goeie (handels)relatie voor velen van levensbelang geworden. Discussies over nationale veiligheid, geopolitiek of Europese waarden passen daar moeilijk bij. De meeste Europese bedrijven vrezen voor hun marktaandeel in de Volksrepubliek bij openlijke kritiek op het beleid van Xi.

Men neigt nog naar de overtuiging dat wederzijdse afhankelijkheid met China de Grote Roerganger uiteindelijk zal doen beseffen dat de VRC er toch veel belang bij heeft om zich internationaal verantwoordelijk te gaan gedragen. Dit vloeit natuurlijk voort uit de opvatting dat voor China de Westerse markt en kapitaal onmisbaar zijn om zich te kunnen blijven ontwikkelen.

Xi Jinping’s Thought

Onder Xi is China steeds meer strategische kracht, nationale zelfvoorziening- en grandeur en met name nationale veiligheid als prioriteit van zijn economisch beleid gaan zien, boven groei,  welvaart en sociale rechtvaardigheid. De CCP leider heeft weinig fiducie in of sympathie voor beleidsmaatregelen die de binnenlandse vraag in China zouden kunnen aanzwengelen: ook in de huidige economische crisis blijft hij de oplossing zien in een op export gedreven aanpak.

‘Xi Jinping’s Thought’ weerspiegelt zijn obsessie met controle, en minder zijn droom om het communistische paradijs te bewerkstelligen. Het is aannemelijk dat onder Xi de toekomstige Chinese economie nog meer in de richting van centralisatie en securisatie zal evolueren. Dit economische model, gekenmerkt door dominantie van de staatsmacht, beoogt een zo groot mogelijke controle over hulpbronnen en de markt te verkrijgen. Dit zou kunnen uitmonden in een volledig CCP toezicht op strategische sectoren: de CCP  of staatsbedrijven zullen m.a.w. strakke controle willen uitoefenen over bijna alle industrieën van betekenis en waarde. Daarnaast zal de Partij streven naar een dominante concentratie van spelers op nieuwe technologische terreinen: de CCP zal meerdere kandidaten willen creëren en ondersteunen op gebieden die het van strategisch belang acht. In hoeverre Xi daarvoor het Westen en de Westerse markt nog echt denkt nodig te hebben is gissen.

China zal zwaar blijven investeren in chips en andere technologiegebieden, waardoor Europa in een zeer penibele positie kan belanden. Als China succesvol is, zullen Europese producten niet langer aantrekkelijk zijn voor Chinese bedrijven – en zullen Chinese producten op derde markten met Europese producten concurreren. Als China niet succesvol is, zou Beijing de buitenlandse toegang tot de binnenlandse markt nog verder kunnen beperken, waardoor het marktaandeel van Europese bedrijven verder in het gedrang komt. China’s de-risking aanpak is immers door Xi al in 2013 op poten gezet. In de Europese hoofdsteden aarzelt men zelfs hedentendage nog wanneer en hoe zo’n aanpak  het beste gestalte te geven…..  

Het Chinese economische model

Overcapaciteit is een inherent kenmerk van het Chinese economische model en niet een ongewenst of onverwacht bijprodukt.  China heeft de wereldmarkt inclusief het Westen dus eigenlijk hard nodig, zou je inderdaad denken.  Ingebakken in het economische groeimodel van Xi ligt een fundamentele tegenstelling tussen enerzijds de noodzaak om op de wereld te vertrouwen, en anderzijds de mercantilistische behoefte en drang om zelfredzaam te zijn om China te beschermen tegen buitenlandse afhankelijkheden en risiko’s die het gevolg zijn van zijn groeiende supermacht ambities.

Het China van Xi dreigt in sommige Westerse ogen onderwijl klem te komen zitten in zijn rol als wereldwijde katalisator van instabiliteit al kijkt een deel van de ‘Global South’ en Beijing zelf daar heel anders naar. De cruciale vraag is hoeveel invloed en controle de VRC nu daadwerkelijk op de loop der dingen en spelers in kwestie heeft en in hoeverre de CCP bereid is die instabiliteit te laten oplopen voordat ze concludeert dat ze indruist tegen de belangen van China.

Wellicht is het daarom dat een aantal EU leiders zo gretig is om naast de knoet China vooral een wortel voor de neus te blijven houden omdat het Beijing een uitweg zou kunnen bieden uit een in Westerse optiek doodlopende weg…

De Chinese kijk

Helaas voor Europa is de top van de CCP vooralsnog optimistisch over de internationale positie en mogelijkheden van China alsmede over het vooruitzicht van zijn geopolitieke ambities en gekozen strategie. Beijing is vol vertrouwen dat het veel beter in staat is dan de meeste landen om moeilijke mondiale economische situaties te weerstaan, een visie die sterk contrasteert met westerse analyses. Xi ziet goeie kansen voor verdere expansie van China’s economische invloed in de Global South, in Afrika, het Midden Oosten en Latijns Amerika.

Het sprankje hoop in Europa en Kiev dat Xi zich, hoe minimaal ook, zou distantiëren van Moskou is onderwijl eveneens de grond ingeboord. Mijngroeve heeft Beijing sowieso nooit beschouwd als een geloofwaardige en serieuze kandidaat om te bemiddelen in de oorlog in Oekraïne. Het heeft met zijn nietszeggende vredesvoorstel en continue ondersteuning van de Russische argumenten voor de invasie geen enkele constructieve betrokkenheid getoond.

In mijngroeve’s optiek is de CCP ook nimmer daadwerkelijk geinteresseerd geweest in een gelijk economisch speelveld als een fundamentele voorwaarde voor een wereldwijd functionerend economische orde. De communisten hebben vooral pragmatisch en opportunistich gebruik gemaakt van de kansen die de toetreding tot de WTO bood. Men heeft ook slim de China Dream van het Westen ten volle uitgemolken.

In een level playing field heeft de CCP niet langer alleen de controle. De CCP onder Xi denkt in termen van winnaars en verliezers, waarbij zij vanzelfsprekend de wijsheid in pacht heeft en haar economisch model bij voorbaat superieur is aan die van anderen. Als er sprake zou zijn van een level playing field ideaal binnen de CCP zou er al lang geleden een pluriform partijenstelsel zijn ontsproten. Een gelijk speelveld is in tegenspraak met alle idealen en aanpak waar de CCP al bijna 75 jaar lang voor staat.

Xi bereidt zijn bevolking voor op een lange confrontatie met het de VS. Hij zal net als Poetin meer dan bereid zijn zijn volk hoge sociale kosten op te leggen in naam van de securitisatie. Zijn “securitisatie van alles” (=het veranderen van normale politieke of economische kwesties in zaken van nationale veiligheid) en de keuze voor ideologie boven pragmatisme zullen Xi’s toekomstige beleid blijven kenmerken. Zijn eventuele compromissen en toenaderingen richting de EU zullen voornamelijk korte termijn taktische en opportunistische schijnbewegingen zijn.

Europese actie

Europa heeft net verkiezingen achter de rug en in Nederland treedt een nieuw kabinet aan. Euroskeptische en eurokritische partijen hebben overwinningen geboekt.  

Wat te doen en wat te verwachten?

Alleerst zou de EU in haar  kijk op en houding naar China naast al het bovenstaande zich nogmaals rekenschap kunnen geven van het feit dat:

  • de CCP’s ingebeelde realiteit is dat China historisch gezien altijd het centrum van de wereld is geweest en dat de wereld de dominantie van de CCP zou moeten accepteren, omdat dit gewoonweg natuurlijke gang van zaken is. En de CCP gebukt gaat onder de paranoide gedachte dat er sprake is van een diepgewortelde samenzwering van buitenstaanders om de Partij, en daarmee China, te ondermijnen en omver te werpen 
  • Als men met en in de VRC onderhandelt, men dat feitelijk met de CCP/Xi Jinping en niet zozeer met China doet
  • Xi voor lange tijd aan het bewind zal zijn en dat de kameraden met wie Xi zich omringt ja-knikkers zijn die gevangen zitten in Xi Jinping Thought
  • Xi overtuigd is van zijn gelijk en de juistheid van zijn beleid
  • Xi  zich hard zal maken voor beperking van overdracht van Chinese kennis en technologie naar het Westen inclusief Europa
  • het onmogelijk zal zijn om Beijing en Washington in gelijke mate tevreden te houden

Van belang om mee te nemen in het Europese beleid richting de VRC lijkt mijngroeve verder dat:

– men de CCP top constant zal voorhouden welke prijs het zal betalen voor zijn aanhoudende onverzoenlijkheid richting het Westen: dat China niet onverschillig en straffeloos de Russische oorlogsmachine kan blijven voeden en tegelijkertijd beweren positieve betrekkingen met Europa te willen

– men er van uit moet gaan dat binnen-en buitenlandse kritiek op en bezorgheid over Xi’s beleid de CCP top niet of nauwelijks meer bereiken vanwege de immer toenemende censuur en de binnenlandse vrees zich de toorn van de nieuwe keizer op de hals te halen. Ook daarom is het essentieel die Europese kritiek en zorg daar waar mogelijk volmondig te uiten tegenover de CCP leiding  

– carrots in de vorm van zware handelsmissies en businessdelegaties uit te faseren en af te schaffen: het is belangrijk om duidelijke signalen naar Beijing uit te zenden wat de consequenties zijn van haar onwillige  en onbekommerde houding. Die delegaties kunnen in ere worden hersteld zodra Beijing de Europese zorgen serieus gaat nemen en addresseren.

– het Europese de-risking beleid dient te worden versneld in plaats van afgeremd. Europese leiders moeten met name Duitsland onder druk te zetten eindelijk eens keuzes te maken die Beijing niet welgevallig zullen zijn als onderdeel van een coheren Europees China beleid. De grote Europese landen moeten tevens het voortouw te nemen in het formuleren en uitvoeren van een eensgezind en samenhangend China beleid

– Europese leiders niet langer uitstralen dat ze welhaast wanhopig zijn om een ontmoeting met Xi te arrangeren. Het reduceert ze tot smekelingen en plaatst het Chinese bewind wederom bij voorbaat op een voetstuk als degene die een gunst verleent

– men de CCP/China blijft attaqueren in ‘the battle of narratives’ dat er fundamentele tekortkomingen kleven aan Xi’s economische en politieke systeem. Dat Xi bevangen is door een soort grootmacht nihilisme, waarin hij zijn land prepareert voor een langdurig en nodeloos conflict met de VS, waarbij miljarden aan dollarinvesteringen worden gedaan in de verkeerde dingen ( zoals militaire-civiele fusie en kernwapens) in plaats van in zijn maatschappij en bevolking

– Xi en zijn kornuiten wellicht geloven dat ”The East is rising and the West is declining”, maar dat velen in China daar allerminst van overtuigd zijn. Die kansen op beinvloeding van de Chinese publieke opinie moet de EU maximaal uitbuiten en benutten daar waar mogelijk.

– De dialoog tussen nationale overheden, de industrie en Brussel veel intensiever moet worden gevoerd. De afgelopen jaren is deze relatie steeds vijandiger geworden, waarbij bedrijven luidkeels klagen over overregulering, en regeringen moeite hebben om bedrijven ervan te overtuigen hun zorgen over de nationale veiligheid ernstig te nemen en een gesprek over afhankelijkheden aan te gaan die essentieel is voor goede beleidsvorming. Daarnaast zal het gesprek tussen de EU-lidstaten en de Europese Commissie over economische veiligheidsgerelateerde uitdagingen snel grote vorderingen moeten maken. Tot slot zal het Europese electoraat op de hoogte moeten worden gehouden dat aan de-risking nadelige consequenties en een stevig prijskaartje hangen voor de Europese maatschappij, burger en consument.

De situatie in Nederland

Spoedig zal een nieuw Nederlands kabinet aantreden bestaande uit anti-EU (PVV, de grote winnaar van de verkiezingen), euroskeptische/eurokritische (BBB & NSC) en euroneutrale partijen (VVD). Een soort utopisch nationalisme viert hoogtij in Nederland en andere Europese landen.

De tijden dat Nederland als een van Volksrepubliek’s beste vrinden in Europa werd beschouwd liggen definitief achter ons. Het nieuwe kabinet zal bovendien worden geleid door een premier die ooit voorzitter was van organisaties die de laatste jaren herhaaldelijk voor Chinese hackers, spionnen en wat dies meer zij hebben gewaarschuwd.

Zoals ik vorig jaar al schreef is er in het Nederlandse parlement, inclusief voorgenoemde coalitiepartijen, een grote meerderheid voor een harder beleid richting de VRC en meer toenadering tot bijv. Taiwan. Maar die verkiezingsprogramma’s maakten amper duidelijk hoe zo’n beleid er dan zou moeten uitzien en welke prijs ons land, onze economie en de kiezer daar voor zal betalen, zeker in geval van Chinese vergeldingsmaatregelen. En moeten we dan volgens diezelfde coalitiepartijen ons daar voornamelijk tegen gaan wapenen in Europees verband? Of willen ze dat we toch vooral onze eigen boontjes gaan doppen?  Mijngroeve.nl is benieuwd of de PVV, BBB en NSC ‘het eerlijke verhaal gaan vertellen’.

Destijds zette ik al uiteen dat het voor de hand zou liggen dat die sectoren en produkten die voor de Chinese overheid makkelijk vervangbaar zijn het eerste slachtoffer zouden worden van Chinese vergelding. Dit is zich momenteel aan het ontspinnen:  de varkensvlees sector betaalt als eerste de prijs voor de importmaatregelen die de EU heeft aangekondigd op Chinese elektrische auto’s. In de oplopende spanningen staat ons naar alle waarschijnlijkheid nog veel meer te wachten.

We mogen hopen/aannemen dat het ministerie van EZK de afgelopen jaren ook risiko analyses heeft gedaan waarin dergelijke scenario’s zijn meegenomen en is bekeken hoe zulke gevaren te ondervangen. Zo niet, dan bestaat de kans dat de solidariteit tussen nationale en Europese bedrijfstakken en ondernemingen spoedig ver te zoeken zal zijn. Dat is waar Beijing ook ongetwijfeld naar kijkt en op in zal spelen, nog gewiekster en genadelozer dan voorheen. Zo zal de groene transitie in Nederland en Europa zonder substantiële deelname van China een stuk duurder uitvallen en trager verlopen. Is Nederland m.a.w.  (voor)bereid om de rekening te betalen voor een harder beleid richting Beijing?

Hard power

Mijngroeve.nl pleit al verscheidene jaren voor een coherent Europees beleid richting China. Met de populistische wind die door de gehele EU waait en de weerzin van de Nederlandse coalitiepartijen om meer bevoegdheden over te dragen aan de Europese Commissie en Brussel, lijken helaas de mogelijkheden op coherentie nog verder te dalen. Dit impliceert dat het China beleid  van Nederland opnieuw vooral in Den Haag zal worden bepaald en gemaakt.  Het ligt dan in de lijn der verwachting dat het  kabinet bij een voortdurend gebrek aan Europese eensgezindheid stevig in de pas zal gaan lopen met het Amerikaanse beleid.

Gezien zijn afhankelijkheid van de VS voor zijn veiligheid hebben Nederland en de EU sowieso weinig andere keuze dan niet te ver van de Amerikaanse standpunten verwijderd te geraken. Bij ontstentenis van echte ‘hard power’ heeft Europa immers nauwelijks de luxe of optie om zich ​​neutraal te blijven opstellen in de steeds verder escalerende Chinees-Amerikaanse spanningen.

De eventuele terugkeer van de totaal onvoorspelbare Trump zal de zaken er natuurlijk niet makkelijker op maken. PVV leider Wilders is zowel een fan van Trump als ook van Poetin die hij beschouwt als leiders die pal staan voor hun land en bevolking. Wat de precieze PVV insteek qua nationale veiligheid en buitenlands beleid richting EU, Navo, VS en de ‘Chinees-Russische vriendschap zonder grenzen’ zal zijn of worden is voor een ieder een raadsel.

De vraag werpt zich zelfs op of de VS en de VRC de EU nog wel enige geopolitieke relevantie zullen toekennen als de Europese verdeeldheid blijft dooretteren. Mochten de VS onder Trump wederom een isolationistische of nog sterker protectionistische houding aannemen, dan zou het verdeelde Europa alleen kunnen komen te staan en in het nauw geraken op zowel het veiligheids- als het economische front. De Europese economische groei zal verder onder druk komen te staan.

Rutte

Het is wat mij betreft ook geen toeval dat Rutte juist voor een baan bij de Navo heeft gekozen, ipv bij de EU. Bij de NAVO denkt hij echt het verschil te kunnen maken en geopolitiek relevant te kunnen zijn. Er is immers weer oorlog op het eigen continent, het continent waar de NAVO ooit omheen is gebouwd. Net als de meeste VVD’ers heeft Rutte met de EU een haat-liefde verhouding gehad, en haar voornamelijk gebruikt als een platform om gunstige deals voor Nederland te sluiten en bijvoorbeeld het migratie-probleem aan te pakken. Rutte heeft in zijn tijd als premier maar beperkt willen bijdragen aan de EU als geopolitieke speler, hij heeft die wens voornamelijk met de mond beleden. Aan het cruciale geopolitieke belang en nut van de NAVO heeft ie in zijn loopbaan echter geen moment getwijfeld.   

We stevenen af op een langdurige periode van ijskoude betrekkingen en confrontatie met de VRC met een vorm van managed competition als best case scenario. Door economische en diplomatieke rugdekking te bieden beschermt China wereldwijd deplorabele regimes die democratie tot aartsvijand hebben verklaard, ook al raken desbetreffende regeringen steeds meer geïsoleerd van de rest van het internationale systeem.

Het is goed om ons te realiseren dat de stap naar een oorlogseconomie voor Xi maar een kleine is, hij is zijn bevolking hierop al 10-jaar lang mentaal aan het prepareren. Mijngroeve.nl beweert daarmee niet dat de Chinese leider meteen uit is op oorlog met het Westen, maar dat hij bouwt aan een collectieve Chinese mindset die een snelle switch naar een oorlogseconomie mogelijk maakt als daar in zijn ogen om zal worden gevraagd.

Vanwege de aanhoudende blootstelling van de Chinese economie en het bedrijfsleven aan het Westen is zeker niet iedereen in de VRC overtuigd van de juistheid van de weg die de Grote Roerganger is ingeslagen. Op die sentimenten moeten Nederland en de EU inspelen door pal stelling te nemen tegen Xi’s roekeloze beleid en publiekelijk te blijven herhalen welke zware prijs de Chinese maatschappij en bevolking hiervoor zal gaan betalen.

Terwijl Xi graag de ondergang van het democratisch staatsbestel predikt, is de overleving van de CCP en haar politiek systeem allerminst een zekerheid. Weliswaar staat het bewind van Xi niet op instorten, maar een aanhoudende economische crisis zal zijn legitimiteit geen goed doen. Als Nederland en de EU dienen we ons te beseffen dat we te maken zullen blijven houden met een arrogant, overmoedig en bij tijd en wijle doldriest regime dat naar Westerse maatstaven steeds meer het spoor bijster aan het raken is, maar die constatering zelf tot het bittere einde zal blijven aanvechten en ontkennen.

Het Chinese volk is een eindeloze bron van energie en creativiteit, even onvoorspelbaar als -hopelijk-niet te stoppen in zijn zoektocht naar een vrije en waardige samenleving. De uiteindelijk enige fundamentele oplossing voor China’s zoektocht naar moderniteit is dat het CCP-regime zal verdwijnen en er een daadwerkelijk politiek en economisch level playing field zal ontstaan. Pas dan zal er sprake kunnen zijn van een werkelijk constructieve betrokkenheid van China met het wel en wee van de wereld. 

Zie bijv ook:

https://www.mijngroeve.nl/nl/geschiedenis/de-nederlandse-verkiezingen-en-china/

https://www.mijngroeve.nl/nl/geschiedenis/xis-china-in-24-punten/