Voor het blok: EU-China investeringsakkoord ratificatie?

picture© : Chineseposters, “Vier het Nieuwe Jaar” , Qingzhu xinnian (庆祝新年) , Chinese propagandaposter, December 1954, collectie IHHS/Stefan Landsberger. No copyright infringement intended. All rights belong to their respective copyright owners

Op de valreep van 2020 wist de EU dan toch nog de 7 jaar durende onderhandelingen met China over een investeringsakkoord (Comprehensive Agreement on Investments = CAI) af te ronden. Het is in feite het Europese antwoord op het fase-1 akkoord met China van de regering Trump, die met haar ‘America first’ ideologie het multilateralisme overboord gooide en zich louter richtte op het Amerikaanse eigenbelang.

Bang achter te blijven bij de VS, heeft de EU afgelopen maand alle zeilen bijgezet onder het voorzitterschap van Merkel om de deal met China te beklinken. Volgens de EU heeft Xi Jinping daarbij vele ongekende concessies gedaan, die een betere toegang tot de Chinese markt, een ‘level playing field’ en een ruime bescherming voor Europese bedrijven opleveren. Wat de Chinezen zelf in ruil voor al die concessies hebben gekregen bleef onduidelijk in alle persberichten en op TV.

China had natuurlijk altijd al veel meer toegang tot de Europese markt dan Europese bedrijven tot de Chinese. Het lag in de lijn der verwachtingen dat Beijing meer concessies zou moeten doen dan de EU bij de totstandkoming van een investeringsakkoord: daar had de VRC dus maar liefst 7 jaar voor nodig. En uitgerekend in het jaar dat Xi Jinping de ernst van de Corona-uitbraak in Wuhan verdoezelde, Hongkong tegen bestaande internationale verdragen in inlijfde, vreedzame demonstranten in Hongkong arresteerde en tot jarenlange gevangenisstraffen veroordeelde, buitenlandse journalisten het land uitgooide, Chinese journalisten die de waarheid over Corona rapporteerden het schavot inwierp, een miljoen Oeigoeren in ‘heropvoedingskampen’ liet interneren, westerse regeringen afblafte en Taiwan voortdurend intimideerde, vond de EU het een opportuun moment om de deal nog snel even te voltooien.

PR-stunt

Het akkoord vormt natuurlijk een enorme PR stunt voor de almachtige President Xi Jinping. We moeten gissen naar de precieze beweegredenen van Merkel en Macron om de deal er alsnog door te jassen: vinden ze dat ze met het CAI meer ammunitie in de hand hebben om China aan te pakken indien het zich niet houdt aan de handelsafspraken, mensenrechten structureel blijft schenden of vervalt in protectionisme? Is het akkoord een signaal naar Biden dat de EU haar eigen strategische afwegingen maakt en zich niet zomaar de wil door Amerika laat opleggen? Of is de EU er heilig van overtuigd dat het akkoord Europese bedrijven veel meer economische kansen en bescherming in China zal bieden?

We hebben de details van het akkoord niet gezien dus weten niet wie er het meeste profijt van zal trekken. De al in China gevestigde grote Europese ondernemingen zoals VW, Siemens, NXP etc of ook het Europese midden-en kleinbedrijf? De overeenkomst wordt verondersteld EU-bedrijven in staat te stellen in nieuwe sectoren te investeren, waarbij de aloude Chinese eis tot het oprichten van een joint-venture zal worden geschrapt. Buitenlandse bedrijven zullen voorts niet langer gedwongen worden technologie over te dragen, al gelden voor sommige sectoren nog steeds uitzonderingen. Voorts heeft de CCP beloofd transparanter te zijn over het verlenen van bedrijfsubsidies en toegezegd staatsbedrijven te verbieden buitenlandse investeerders bij voorbaat buiten de deur te houden.

Hoeveel zijn Xi’s beloftes waard? We zullen het moeten afwachten, maar zijn gedrag van de afgelopen jaren geeft weinig reden tot optimisme. China houdt zich bijvoorbeeld lang niet aan alle afspraken van het fase-1 handelsakkoord met de VS, dat voorspelt niet teveel goeds voor het CAI. De EU ambassadeurs hebben desalniettemin op 28 December het ontwerpakkoord goedgekeurd. De deal moet worden geaccordeerd door alle EU regeringen alsmede het Europese parlement, een proces dat minimaal 6 maanden lijkt te gaan duren. Wellicht wordt het akkoord pas in 2022 van kracht.

Timing

De timing van het akkoord is desondanks bijzonder. Terwijl in Amerika een nieuwe President aan de macht komt die heeft uitgesproken graag de relaties met de EU te herstellen en een diplomatiek front te vormen tegen China, achtte de EU het klaarblijkelijk verstandig en nodig de deal met China te sluiten om tenminste een soort van gelijke uitgangspositie als de VS (met hun fase-1 handelsakkoord) in de relatie met de VRC te hebben.

Over het afgelopen jaar is de Europese parlementaire onvrede over het appeasement beleid van de EU tegenover China sterk gegroeid. Verder dan wat verklaringen uit Brussel waaruit ernstige bezorgheid sprak over de ontwikkelingen in Hongkong, Xinjiang, Tibet en de Zuid-Chinese Zee is de EU niet gegaan ondanks dat een sanctie-instrumentarium haar inmiddels ter beschikking staat. De Europese regeringsleiders hebben besloten om vooralsnog geen gebruik te maken van dat wapen.

De regeringen van de verschillende lidstaten in het door Corona economisch en financieel geteisterde Europese continent zijn hoogstwaarschijnlijk zeer beducht marktaandeel in China te verliezen. Ook was/is daar de afhankelijkheid van Chinese medische hulpmiddelen in de strijd tegen Covid: wie te kritisch was op Beijing kon niet langer rekenen op hulpgoederen. De economische interdependentie was en is nog dusdanig groot, dat in de huidige crisistijd Europese bedrijven sowieso de Chinese markt hard nodig zullen hebben om er weer bovenop te komen, zo zal een veel gekoesterde gedachte in Europese regeringskringen zijn.

Nederlandse parlement

De vraag wordt in hoeverre de nationale en Europese parlementsleden zullen meegaan in deze pragmatische ‘business first’ houding van hun regeringen en de Europese Commissie. Ik richt me hieronder maar op Nederland als een indicatie van de gemoedstoestand in een nationaal parlement.

Vooral de vele kamervragen van het CDA parlementslid Van Helvert over het China-beleid van het kabinet Rutte sprongen het afgelopen jaar in het oog. Het CDA is immers onderdeel van de coalitie regering. Het kamerlid bestookte Minister van Buza Blok en andere ministers met vragen omtrent Huawei, de vervolging van christenen en Oeigoeren, de kwestie Taiwan, Chinese spionage, universitaire samenwerking met China, etc etc. Nog net voor de Kerst vuurde Van Helvert het volgende salvo richting Blok af:

“Bent u bekend met het bericht dat Huawei software voor de herkenning van gezichten van Oeigoeren testte? Hoe beoordeelt u deze berichtgeving? In hoeverre acht u het wenselijk dat Chinese bedrijven die de onderdrukking van Oeigoeren in China faciliteren actief zijn op de Nederlandse en de Europese markt? En kunt u aantonen dat die bedrijven niet ook dergelijke praktijken binnen de Europese Unie bezigen? Is het mogelijk om, naar Amerikaans voorbeeld, in de Europese Unie te komen tot een zwarte lijst met buitenlandse bedrijven die actief handelen in strijd met de Europese waarden en belangen, waardoor Europese bedrijven een exportlicentie nodig hebben om zaken met hen te doen?

Bent u bereid hiervoor te pleiten?  Is de tijd niet gekomen, ook mede in het licht van de recente onthullingen over de massale dwangarbeid in de Chinese regio Xinjang, dat u samen met uw Europese collega’s een veel hardere koers gaat varen tegenover China? Hoelang worden deze massale mensenrechtenschendingen nog door de vingers gezien ?”

In hoeverre die kritische houding hem door zijn eigen partij in dank is afgenomen is evenwel de vraag: Van Helvert werd lager dan ooit op de CDA kandidatenlijst voor de komende verkiezingen gezet…

Opschorting uitleveringsakkoord

Maar ook VVD, D66 en oppositiepartijen lieten veelvuldig van zich horen en spraken bijvoorbeeld schande van het Chinese optreden in Hongkong. De minister van Buza committeerde zich daarop in oktober aan het opschorten van het Nederlandse uitleveringsverdrag met Hongkong, waartoe al de nodige Westerse en Europese landen in een eerder stadium waren overgaan, als een symbolisch protest tegen de inlijving van Hongkong door Xi Jinping. De formele verklaring van het Ministerie van BuZa dan wel J&V over deze opschorting laat echter op zich wachten: wellicht typerend voor de afwezigheid van een gevoel van urgentie bij de Nederlandse overheid bij de uitvoering van haar China-beleid?

Maar de druk vanuit de Kamer dwong in ieder geval de lijzige Blok tot een pro-actievere houding in de EU, waarbij de Chinese misstanden eindelijk openlijker werden besproken en benoemd. De minister poogde de laatste maanden met ogenschijnlijk wat meer inzet om zijn Europese collega’s over te halen mensenrechten mee te nemen in de Europese beleidsaanpak tegenover China. De SP & PvD pleitten in een motie aan het begin van December zelfs voor de onmiddelijke stopzetting van de CAI onderhandelingen, maar die poging strandde in de Kamer.

Blok en Kaag

Het wordt interessant om te zien hoe Blok en Minister voor Buitenlandse Handel & Ontwikkelingssamenwerking Kaag het CAI gaan verdedigen in het parlement. Immers op 27 november schreef Kaag in een brief aan de Kamer over de CAI onderhandelingen: “Andere nog belangrijke openstaande punten betreffen afspraken over geschillenbeslechting alsook over milieu en arbeidsstandaarden, waar de partijen nog ver uit elkaar liggen. Nederland en een groot aantal lidstaten gaf aan dat stevige afspraken hierover essentieel zijn om te komen tot een uiteindelijk akkoord. Daarbij stelden de meeste lidstaten, waaronder Nederland, dat de inhoud van het akkoord belangrijker is dan de snelheid waarmee het wordt afgerond (‘substance over speed’) en dat de EU niet overhaast een akkoord moet afsluiten.

Blok en Kaag zullen ongetwijfeld terugvallen op het EU argument dat China zowel een economische partner als systeemrivaal is, waarmee moet samen worden gewerkt waar/wanneer het kan, en waartegen beschermend dient te worden opgetreden daar waar het moet. Het akkoord promoot vrijhandel, zullen ze zeggen. En met het CAI hebben we in ieder geval iets in de hand om China mee “te slaan” als het zich niet aan de afspraken zal houden, zo zal de beargumentering hoogstwaarschijnlijk zijn. Ben benieuwd of de Kamer en het Europese parlement die argumentatie gaan slikken.

Succesverhaal?

Zoals gezegd, ik ken de details van het CAI niet, maar het mag toch enigszins wonderlijk heten dat China al die concessies heeft gedaan in de allerlaatste fase, na ze bijna zeven jaar resoluut te hebben geblokkeerd. Volgens Merkel is de CAI een succesverhaal, waarbij Xi zelfs heeft toegezegd om “voortdurende en aanhoudende inspanningen te leveren” om internationale verdragen over het verbod op dwangarbeid te ratificeren. Klinkt allesbehalve een harde Chinese garantie, met een te verifiëren stappenplan en tijdsschema, maar meer als een intentie-verklaring, zoals we die de afgelopen jaren vele malen van de Grote Roerganger Xi hebben gehoord. Zie verder bijv https://www.mijngroeve.nl/nl/geschiedenis/merkel-china-het-moment-van-de-waarheid/

Het China van Xi voelt zich bovendien zelden geroepen om zich te houden aan internationale rechterlijke beslissingen, gezien ook de de weigering van Beijing om de uitspraak van 2016 in de zgn ‘South China Sea Arbitration’, een arbitragezaak die door de Filipijnen tegen de VRC was aangespannen op grond van het VN Verdrag inzake het recht van vrije doorgang van de zee (UNCLOS), waarbij China’s soevereiniteitsclaims in dat Zuid Chinese zeegebied onwettig werden verklaard, te aanvaarden…Ben dus ook benieuwd wat de geschillenprocedure zal zijn in geval van eventuele onenigheid over de implementatie van de verschillende clausules van het CAI…

Chinese zelfvoorziening

Het is tevens belangrijk om te weten dat het CAI is bereikt tegen de achtergrond van een officieel geformuleerd Chinees beleid dat tot doel heeft de Chinese zelfvoorziening te vergroten en de Chinese afhankelijkheid van Westerse technologie en know-how drastisch te verminderen. Xi wil immers van China een dominante superpower maken, die op eigen kracht kan draaien zonder grote afhankelijkheid van het Westen. Daarbij investeert hij vooral in zijn staatsbedrijven. Hoe die doelstellingen zich zullen verenigen met Xi’s beloftes bij monde van het CAI om de EU meer toegang tot de Chinese markt te verschaffen en staatssubsidies te verminderen wordt een prangende kwestie.

De EU heeft tegelijkertijd de nodige vrees voor de niet te stuiten opmars van de Chinese grootmacht. Niet voor niets heeft Brussel onlangs verregaande buitenlandse investeringscontrole-en screening mechanismes in het leven geroepen die juist moeten voorkomen dat Chinese bedrijven Europese ondernemingen met bijzondere know-how of gevoelige technologieën zomaar kunnen opkopen. Brussel hoopt de lidstaten tot een gecoördineerd screeningsbeleid te kunnen bewegen…

Den-Haag

Ook de Nederlandse regering is naar eigen zeggen druk bezig met (‘landen neutrale’) wetgeving die in 2021 klaar moet zijn om Nederlandse bedrijven beter te beschermen tegen Chinese overnames. Er is m.a.w. een sterke tendens om China juist minder toegang tot de Europese markt te geven, uit vrees voor het creeren van een te grote afhankelijkheidsrelatie met een communistisch bewind dat er niet voor terugschrikt powerplay te spelen.

De angst voor Chinese spionage en het verspelen van gevoelige know-how zit er tot slot bij het kabinet Rutte ook behoorlijk in. Zeer recentelijk stuurde Kaag een vertrouwelijke brief naar de Kamer over het aanvullende strategische kader voor exportcontrole van semiconductor-technologie. Dit is een additioneel kader in aanvulling op de reguliere exportcontrole kaders. Zoals vroegtijdig in mijngroeve.nl aangekaart, zie bijv https://www.mijngroeve.nl/nl/geschiedenis/taiwan-gevangen-temidden-van-de-geopolitieke-technologie-oorlog/, het nietige Nederland heeft een unieke leverage over China in de hoedanigheid van ASML, de wereldleider in EUV-halfgeleiderapparatuur uit Veldhoven, zonder wiens hulp China moeilijk zijn eigen semiconductor foundry industrie op wereldniveau kan krijgen. Hoe groot die leverage is, is tenslotte ook tot de Nederlandse overheid doorgedrongen, zij het onder zware Amerikaanse druk: de kans dat ASML nog een exportlicensie krijgt om de door China bestelde EUV machines te verschepen lijkt zo goed als verkeken…

Is de CAI daarmee al dood bij geboorte of -ironisch genoeg- het formele startsein van de verdere ontkoppeling van de Europese en Chinese economie, net zoals in zekere zin Trump’s fase-1 handelsakkoord dat ook was tussen de VS en de VRC? En moet het wel of niet worden geratificeerd?

De Europese waarden

De parlementsleden in de lidstaten en het Europese parlement doen er in ieder geval goed aan om het akkoord in detail te bestuderen om te begrijpen welke commitments China daadwerkelijk gemaakt heeft. De vraag is daarnaast of de parlementariers vinden dat van het CAI op dit moment nog het juiste signaal uitgaat richting China alsmede de Europese bevolking en kiezers. De EU heeft ons in 2020 immers in verschillende publicaties en statements veelvuldig op het hart gedrukt zich hard te willen maken voor de verdediging van democratie en mensenrechten, van de Europese waarden en principes bij het gebrek aan leiderschap op dat vlak van de VS. Het China onder Xi Jinping heeft zich onderwijl weinig geliefd gemaakt bij de parlementen in de verschillende grote Europese steden, de gemoedstoestand is vermoedelijk niet zo verschillend van die in het Nederlandse parlement, zie verder https://www.mijngroeve.nl/nl/geschiedenis/het-nederlandse-china-beleid-groeiende-parlementaire-onvrede/ en https://www.mijngroeve.nl/nl/geschiedenis/holland-china-voorspelling-over-de-nieuwe-relatie/

Het CAI, al dan niet geratificeerd, lijkt niet zomaar een succesverhaal te kunnen gaan worden. In 2021 zullen de spanningen tussen de EU en China niet afnemen, temeer daar Europa genegen zal zijn de transatlantische banden aan te halen met de regering Biden, die China allesbehalve vriendelijk gezind zal zijn. Het feit dat zowel Merkel en Trump van het toneel zullen verdwijnen maakt een verbetering van de Duits-Amerikaanse betrekkingen eindelijk mogelijk.

Navo

Het vertrek van Merkel zal misschien ook een Europese koerswijziging t.o.v. China in kunnen luiden, het was immers vooral de Bondskanselier die hamerde op het ‘strategische partnerschap’ met de VRC en uiterst behoedzaam en diplomatiek optrad in de relatie met Beijing. De Navo beschouwt China intussen meer en meer als een geopolitieke bedreiging, ondanks verzekeringen van mensen als Merkel en Blok dat China geen militaire dreiging voor Europa betekent. De Nato lijkt desondanks China meer als een rivaal dan een partner te zien. Vice versa geldt hetzelfde. Aangezien Duitsland net als Nederland weinig voelt voor een eigen Europese defensie en de Navo nog steeds als het fundament van het Europese veiligheidsbeleid ziet, rest de vraag hoe de EU wil omgaan met een eventueel scenario waarin China niet meer als een economisch partner maar overwegend als een systeemrivaal zou opdoemen.

Vooral de kwestie Taiwan zal in 2021 hoog op de internationale agenda komen te staan, Den Haag en Brussel zullen worden gedwongen te heroverwegen of ze net zoals de VS meer uitgesproken steun willen uitspreken voor het democratische eiland… https://www.mijngroeve.nl/nl/geschiedenis/taiwan-in-de-hoofdrol/ In Amerika heeft Trump met instemming van het voltallige Congres de Taiwan Assurances Act tot wet verklaard: het stelt dat het Amerikaanse Congres gelooft dat Taiwan een essentieel onderdeel is van de ‘Vrije en open Indo-Pacific-strategie’ van de VS en dat de regering als zodanig het voortdurende streven van Taiwan naar meer internationale zeggenschap moet ondersteunen.

De kwestie Taiwan

Wat betreft de uitsluiting van Taiwan van internationale organisaties als gevolg van het verzet van Beijing, is het Amerikaanse Congres van mening dat een dergelijke situatie schadelijk is voor de mondiale gezondheid, de veiligheid van de burgerluchtvaart en de inspanningen om transnationale misdaad tegen te gaan, en ook een negatieve invloed heeft op de democratie in Taiwan. De wet benadrukt dat het het beleid van de VS is om te pleiten voor een zinvolle deelname van Taiwan aan de VN, de WHO, internationale burgerluchtvaartorganisaties, Interpol en andere internationale organen, indien van toepassing.

Tot op heden durfden Blok en zijn Europese kompanen zich niet uit te spreken over de kwestie Taiwan, uit angst voor Chinese repercussies op handelsvlak. Maar als de EU de banden met Amerika zal willen aanhalen, zal de Europese China en Taiwan-aanpak ter discussie komen te staan. Of dat zonder gevolgen zal blijven voor het CAI valt te betwijfelen. Voorzittertje Xi is immers uiterst allergisch voor landen die het T-woord (Taiwan, Tibet, Tiananmen 1989) durven te gebruiken.